Nu ook op vrijdag!

31 03 2009

Nu school weer wat drukker wordt en de titels zonder invulling steeds minder aanwezig zijn in mijn “voor op blog” map, leek het mij het leukste op vrijdag (of héél drukke dagen) eens een lievelingsgedicht van mij op deze site te smijten. Oke ja, beetje emo, dat wel, maar aangezien negen jaar dictie zo zijn sporen heeft nagelaten, zit ik niet enkel met een hele hoop zelfgeschreven gedichten, maar zijn er nog andere pareltjes die vele niet kennen…Vanaf nu zal ik elke vrijdag een gedicht online plaatsen dat zo goed mogelijk bij het onderwerp van dinsdag past :-)

En dit zijn de eerste:

Zeg nooit dat je het niet hebt geweten,
nooit dat je van mijn liefde geen teken vondt:
mijn leven lang heb ik ermee volgekregen
u neer te schrijven of uit te leggen,
de onrust, die me naar de adem stond.

In kroegen en parken, op godvergeten plaatsen:
nooit heb ik gezwegen, maar integendeel altijd
bezig – hunkerend, of met een bezwaard geweten.

Zeg dus noit dat ik hieraan verstek liet gaan-

wanneer ik weg ben, dood, of door mijn kinderen vergeten

zal het overal te lezen staan.

C.8 door Eriek Verpale

Ik was jou
aan het schrijven
en jij was mij
aan het lezen.

Maar lang duurde het niet.

Want ik was onleesbaar
en jij onbeschrijfelijk.

Geert de cockere

Soms
schrijf ik alles
kort en klein.
Niet omdat ik boos ben.
Veeleer uit zuinigheid:
ik hou van weinig woorden.

Er zijn evenwel
weinig woorden
waar ik niet van hou.

Geert de cockere





Neergeschreven leven

24 03 2009

Liefste dagboek,

Terwijl het geruis van de voortrazende trein zich steeds meer vermengde met de muziek in mijn oren, kon ik niet anders dan zelf nog eens stilstaan bij alles wat er de afgelopen dagen is gebeurt. Gisteren nog kreeg ik het weer eens aan de stok met een oude vriendin die zich verwaarloosd voelt. En hoewel zij het er niet inkrijgt dat ik het nu eenmaal niet al te simpel heb thuis, dat zieke mensen geen aangenaam gezelschap zijn en dat je het nu eenmaal ferm beu wordt om constant te springen voor mensen die hetzelfde absoluut niet doen voor jou, kan ik niets anders dan me afvragen of ze gelijk heeft. Of ik inderdaad al mijn tijd steek in Stijn , wil breken met mijn middelbaar en het echt teveel gevraagd is om haar af en toe eens aan te spreken op msn (al weet ik goed genoeg dat enkel zij in die conversatie aan het woord zal komen en ze mijn goede raad toch naast zich zal neerleggen). Breinbrekende vragen genoeg dus, maar na een verklarende en mezelf verdedigende e-mail ,leg ik de zaak volledig naast me neer. Alweer een vriendin van het middelbaar minder dus, maar oud worden doen we nu eenmaal alleen. En toch ook weer niet…


Of je het nu wilt toegeven of niet, ieder van ons zal ooit (desnoods in een ver en duister verleden) wel een dagboek hebben gehad. Een boek, schrift of gewoon losse hoop papieren volgeschreven met wanhopige tienerliefdes, ruzies thuis of problemen met vrienden. En hoewel deze papieren vriend nooit zal antwoorden, laat staan goede raad zal geven, houden hopen mensen zich hieraan vast alsof het hun beste vriend is. Hij is immers de enige constante in je leven die, verwaarlozing of niet, er als enige altijd zal zijn. De opluchting die vrijkomt na het neerschrijven van de voorbije dagen is nochtans niet zijn enige bestaansreden. Bewust of niet, een dagboek is een menselijke poging tot onsterfelijkheid. Waar wij stoppen met ademen, vertellen zij ons verhaal voort aan ieder die ons emotionele geschrift kan lezen. Want hoewel dagboeken helden zijn in het wegwerken van negatieve emoties, zij dienen vooral als boodschapper in de toekomst.


De meeste mensen zijn doodsbang om te sterven. Goed beseffend dat we na ons leven hier terugkeren tot stof, proberen vele van ons hun aanwezigheid te rekken. Sommige maken naam als wetenschapper, schrijver of ontdekker van iets, maar aangezien de geschiedenisboeken zo al dik genoeg zijn en dus steeds minder plaats hebben voor de gewone mensen onder ons, moet ieder zijn eigen manier vinden. Of het nu gaat over een tijdscapsule die begraven ligt in de tuin, een zeldzame gedichten- of postzegelverzameling of gewoon een dagboek, iedereen zal zo wel iets hebben. Ik daarentegen heb ze alle drie. Altijd al doodsbang geweest om ineens “weg” te zijn en vergeten te worden, besloot ik jaren geleden om stilaan mijn stempel te zetten op deze aarde. Een toekomst als archeoloog of wetenschapper ligt duidelijk ver buiten mijn bereik, dus werden het gedichten die mij niet enkel emotioneel, maar ook letterlijk laten overleven. Ook een tijdscapsule was zo één van de dingen die ik absoluut moest nalaten. Helaas voor mij was begraven in mijn tuin nooit echt een optie. Niet enkel omdat mijn ma, de tuinfreak, me zou vermoorden, maar vooral omdat een houten kist gevuld met papier het niet al te lang zou rekken in een wormige ondergrond. Dus verblijft mijn capsule op mijn kamer. Al mijn ‘kostbare’ bezittingen liggen dan wel lekker dicht in mijn buurt, een gevoel van veiligheid was er toch pas toen er ook een slot op ging. De inhoud van die kist heeft dan wel tot nut gedeeld te worden, toch zal het pas lang na mijn dood zijn dat er ook echt in gerommeld wordt door iemand anders dan mijzelf. Maar zal de inhoud van die kist ook echt mijn leven weergeven aan een volgende generatie?


Wat er exact in mijn ‘tijdscapsule’ zit, ga ik in deze blog niet vertellen. (Kill me and find out zou ik zo zeggen..) Maar dat mijn dagboeken hierin zitten, is de logica zelve. Als vrouw van veel woorden is het niet meer dan logisch dat ik met één klein boekje geen genoegen had en ondertussen zitten er dus al minstens 7 verschillende schriften in mijn kist. Maar hoewel er genoeg informatie te vinden is over mijn dagvulling van de voorbije 10 jaar, toch blijft de vraag of al deze bladvulling ook een goed beeld geeft van wie ik was en wat ik deed. Veel mensen hebben immers de gewoonte om de goede momenten te beleven en de slechte neer te schrijven. Het menselijke brein mag dan wel beter in staat zijn de negatieve dingen te onthouden, het zijn deze emoties die we het meeste neerschrijven. De kans bestaat immers dat we tijd waarop we goede dingen hadden kunnen doen, wegsmijten door er teveel over te schrijven. Dus is het met betraande ogen dat we onze dagen hier beschrijven. Het teruglezen van een dagboek is dan ook verre van een aanrader. Niet enkel kan het kinderlijke geschrift afschrikken, maar veel wonden worden terug opengereten en niemand leest graag uitsluitend slechte dingen. Stoppen met schrijven dus? Natuurlijk niet! Een dagboek mag dan wel de slechtste manier zijn om een beeld te geven over hoe gelukkig je leven was, je karakter blijft zwart op wit op papier staan. En dat je alleen maar een mens was die nood had baaldagen neer te schrijven, zullen ze zelfs in de verre toekomst begrijpen. Dus schrijf ik rustig voort in mijn papieren vriend, maar blijf ik toch proberen om mijn naam ook op een andere manier het eeuwige leven te gunnen.





Valse vakantiegevoelens

17 03 2009

valse-vakantiegevoel1

Zon, zee, strand… Het is weer de tijd van het jaar voor idyllische vakantietaferelen. De herrezen zon doet immers vele mensenharten smelten na een ijskoude winter, maar helaas is dit maar een vals vakantiegevoel. Want terwijl de zonnestralen vallen op het nieuwe, groene gras, de vogeltjes fluiten en mijn hangmat zich behoedzaam richting tuin begeeft, realiseer ik me bij elke stap dat het eigenlijk helemaal nog niet zooo warm is. Menig wandelaar mag dan wel steeds feller opkrullende mondhoeken hebben en veel tieners beginnen reeds te strippen bij het verlaten van de voordeur, toch besef ik maar al te goed dat één wolkje al genoeg is om dat zomerse geluk weg te nemen. Onze agenda’s mogen dan wel zeggen dat het al lente is, de natuur zelf heeft het nog niet helemaal door. Na één zonnige dag volgt immers maar al te snel een dag met regen en wie zich nu al te hard verhoopt op een hete zomer, zal snel weer in zijn winterdepressie terugvallen. We willen immers allemaal een zomer die zich snel inzet en warmer is dan de vorige, maar met de opwarming van de aarde op til, kunnen we maar best niet te hard van stapel lopen. Een dikke trui in de buurt is dus mijn warme aanbeveling.

Zon heeft altijd al een raar effect gehad op de mens. In het verre verleden werd ze namelijk vereerd door de Inca’s en de Egyptenaren, maar ook onze Westerse beschaving heeft zo zijn eigen manier om ze te herdenken. Korte rokjes in zowel winter als zomer zijn het hulpmiddel bij uitstek om een instant zomergevoel op te roepen. En hoewel dit ook bij mij een regelrechte oppepper is, hou ik me aan een zelf aangeleerde wijsheid: hoe sneller je de zomer in je kleerkast laat, hoe minder je kan uitdoen als het echt zomer is. Er is immers een grens tot waarop we kleren kunnen uittrekken en zolang uit je vel springen nog geen realistische optie is, probeer ik blote benen en spaghettibandjes te houden tot het laatste. Er moet immers maar één hittegolf toeslagen om een gehele bevolking in zijn blootje onder openbare fonteinen te zetten. Dus hoe graag ik ook meezing met de vogeltjes en mijn sjaal steeds dieper in mijn kast verdwijnt, zomer is het voor mij nog lang niet.

Valse vakantiegevoelens worden echter niet enkel aangewakkerd door zonneschijn. Een plots teveel van tijd om handen kan al snel hetzelfde effect geven. Als IAE-ster heb ik namelijk dat probleem. Waar ik vorig jaar soms 12 uur per dag op school zat voor portfolio en lezingen, zit ik nu amper anderhalve dag op school en dus meer thuis dan ik gewoon ben. Met een halve computerverslaving en een vriendje lijkt dat probleem snel opgelost. Toch kan niets minder waar zijn. Hoe meer tijd ik heb, hoe minder ik doe. Terwijl het schaarse schoolwerk zich stilaan naast mij opstapelt, vind ik elke dag opnieuw wel iets belangrijker te doen. Ik heb immers nog tijd zat om die taak te maken, dus vanwaar de stress? Maar aangezien “eventjes een computerspelletje spelen” al snel een hele dag in beslag neemt (hetzelfde geldt voor even tv kijken), moet ik met leden ogen inzien dat ik nood heb aan een volgepropt lessenrooster. Het is immers véél simpeler om bergen te verschuiven onder de nodige druk. En nu ik zelfs niet altijd genoeg tijd heb om deze blog te onderhouden, wordt het tijd dat ik me stilaan herpak.

Ook emoties worden duidelijk beïnvloed door de zon. Hoewel veel relaties ontstaan of zich verstevigen tijdens de koude wintermaanden (door een extra nood aan warmte), zijn de lentemaanden dan weer gekend voor de gebroken harten. Het gras wordt immers steeds groener aan de andere kant en terwijl steeds meer blote benen de mannenhoofden op hol brengen, wordt het tijd voor veel koppels om afstand te nemen. Steeds meer zonovergoten terrasjes worden de ultieme plek om een kleurtje of een avontuurtje op te lopen. Hoe logisch het ook is dat de zomer een warm gevoel vanbinnen bezorgd, toch maak ik me zorgen over deze groteske effecten van slechts enkele stralen. Het zal dan ook met de nodige argwaan zijn dat ik deze zomer door de straten slenter, hopelijk nog steeds arm in arm met mijn zomerse verovering van vorig jaar.





Tot de scheet ons scheidt

3 03 2009

Verliefdheid duurt tot de eerste scheet. Die wijsheid trachtte Axl Peleman de Laatste show-kijkers vorige week aan te leren. En hoe simpel en boers deze uitspraak in eerste instantie wel niet lijkt, Axl heeft gelijk. Verliefdheid is immers slechts een fase. De fase waarin ‘de man van je dromen’ de perfectie zelve is. Nieman kan ooit beter, mooier, sterker, leuker, grappiger, sexier of zelfs welriekender zijn. Betoverd door zijn volmaaktheid, valt er haast geen enkel foutje te bespeuren. Tot die eerste scheet je weer met beide voeten op de grond zet. Een mens is immers pas volmaakt als hij over een goed werkend spijsverteringssysteem beschikt en dat laat zo af en toe eens van zich horen.


Na de allereerste blik, eerste kus of zelfs een allereerste ruzie, moet ik een nieuwe mijlpaal toevoegen aan mijn lijstje. Relaties zijn immers opgebouwd rond mijlpalen. Niet de psychologische ‘itches’ waar je om de zoveel maanden mee naar de relatietherapeut moet, maar gebeurtenissen die belangrijk genoeg zijn om je relatie vorm te geven. Dat de befaamde eerste kus en een kennismaking met de mogelijke schoonfamilie hier al zeker toe behoren, trekt niemand nog in twijfel. Toch moet deze “waarheid” eens nodig worden herzien. Mijn visie van mijlpalen als zijnde ‘belangrijke gebeurtenissen’ heeft immers een bijschaving nodig. Nu ook ik inzie dat die allereerste scheet alles verandert en haast het belangrijkste schakelmoment is in een relatie, is mijn zicht op liefde genuanceerd. Liefde is immers de enige emotie die ons ertoe aanzet in volledige harmonie met jezelf en iemand anders constant samen te zijn en de slechte kantjes erbij te nemen. Iets wat je duidelijk niet terugvindt in de perfectionistische verliefdheidfase.


Ieder van ons heeft het ongetwijfeld al eens meegemaakt. Een onbereikbare, maar des te harder lonkende vlam die steeds meer onderwerp wordt van je leven. En hoewel je nog nooit één woord met elkaar gewisseld hebt, de liefde kon niet groter zijn. Maar…liefde? Niet wetende hoe zijn/haar stem klinkt, of zij/hij echt wel zo slim is als je hem toedroomt en nog minder bewust van het werkelijke karakter van je droomman/vrouw, schrijf je hem/haar steeds meer goede eigenschappen toe. Hoe kan iemand ooit nog aan hem/haar tippen? Maar dan volgt de eerste kennismaking. Na soms maandenlang staren, raap je al je moed bijeen en volgt er een echte conversatie. Waarschijnlijk reeds zwaar onder de invloed van de chemische stoffen die zij/hij op je af laat komen, besef je dat je ‘de liefde van je leven’ hebt gevonden. Maar dan pas komt de eigenlijke relatie. De stilaan groeiende nood om continu bij elkaar te zijn of van elkaar te horen, neemt soms ongeziene proporties aan en voor je het weet ben je elk moment samen. Pas dan is het dat je echt ziet met wie je het bed deelt. Die gekende ochtendadem, badhairdays en alle mogelijke ongemakken maak je met elkaar mee. En net daarin wint je relatie aan kracht. Want wie nog altijd even liefdevol kan kijken naar een halve Frankenstein als naar de schoonheid die hij ziet met make-up en na een goede douche, kan duidelijk zeggen dat hij halsoverkop verliefd is. Maar dan pas komt die eerste scheet.


Hoe hard we ook mogen proberen, niemand heeft de volledige controle over zijn eigen lichaam. Ongewenste haargroei, geluidproductie en stank zijn zo van die dingen die je dag volledig om zeep kunnen helpen, maar onoverkomelijk zijn. Degene die probeert een scheet binnen te houden, zal de aandacht al zeker trekken met zijn vreemde gezichtsuitdrukking of gewoon al ongemakkelijke gedrag. Maar liefde is iets wonderbaarlijks. Hoe duidelijk het ook is dat hij/zij zijn/haar darmen niet langer onder controle heeft, wie elkaar graag ziet zegt hier al lang niets meer over. Terwijl hij zo subtiel en toch opvallend mogelijk doet alsof er niets aan de hand is, zal zij wikken en wegen. En, alle etiketten ten spijt, als de verliefdheid groot genoeg is zal ook zij doen alsof haar neus bloedt. En net daarin schuilt de liefde. Eindelijk in het volledige besef dat je geliefde ook maar een mens is en dat hij/zij ook zijn fouten heeft, lukt het je toch nog om bij hem/haar te blijven. Om hem/haar die exact zelfde smachtende blik als voor de kennismaking toe te werpen en om hem/haar het gevoel te geven dat hij/zij echt wel perfect is. En op het moment dat je elkaars onvolmaaktheid inziet en toch even gelukkig bij elkaar blijft, dan pas kan je een volwaardige relatie beginnen. Want enkel wie elkaar als gelijke kan aanvaarden en zijn volledig menselijke zelf kan zijn, kan zeggen dat hij/zij de liefde gevonden heeft. En gezien deze alles overwint, gaat het je na het overleven van die eerste scheet, als koppel voor de wind.