Let it never be said: the Kaiser Chiefs are bad

19 11 2007

Na een drukke festivalzomer, met onder andere Werchter en Pukkelpop op de agenda, trokken de Kaiser Chiefs lustig verder door Europa. Na ongeveer twee maanden getourd te hebben met Jakobinarina en de Silversun Pickups in hun sleeptouw, kwam de Leedse groep voor een derde keer dit jaar spelen in België.


Gezien de Chiefs zelf pas om 21.40 zouden beginnen en de fans dus eerst twee voorprogramma’s en een pauze moest doorworstelen, was er geen massale bestorming van de Lotto Arena. Toen de deuren om 18u30 werden geopend werd er natuurlijk wel gedringd, maar de verwachte massa die stevig stompend naar binnen zou wringen om toch maar eerste te zijn bleef uit.
Ruim anderhalf uur lang hielden de fans zich bezig met zitten, zuipen en lichtjes opgewonden te wachten tot de show eindelijk begon. Tijdens de set-up veerde de grondzitters lustig van hun luie gat om de rest van de avond te springen, duwen, crowdsurfen en vooral luidkeels mee te schreeuwen met de schitterende set van de Kaiser Chiefs.


Als ijsbreker van de avond hadden ze beroep gedaan op Jakobinarina, een IJslandse groep, die hier een kei in was. Hoewel het bij de zanger ontbrak aan genoeg groepsgevoel om met zijn band mee op te komen en af te gaan, werd het een leuk optreden, met veel spastische moves van de zanger himself en hier en daar wat gebrul van de menigte. Nog voor de laatste noten van hun slotsong waren aangebroken vertrok de leadsinger alweer en liet hij zijn groepje wat verwaarloosd achter.


Bij de Kaiser Chiefs hoort voldoende sfeer en met dit in het achterhoofd kwamen de Silversun Pickups het podium op om het publiek al in de juiste sfeer te krijgen en om de grote sfeerafstand tussen Jakobinarina en de Chiefs zelf op te vangen. De giechelende, rondspringende en net niet zatte leadsinger van de Silversun Pickups zorgde voor voldoende sfeer dat enkel en alleen al bij het vernoemen van de Chiefs de hele zaal mee begon te schreeuwen en al lustig rond te springen ter voorbereiding. Toen hij ook een StuBru winnares van een meet&greet het podium op trok om ons te melden dat hij ons een fantastisch publiek vond, van ons hield en dat zij de hele zaal zou knuffelen, vlogen hun 40 minuten voorbij in de roes van meekelen en enthousiast doen.


De 20 minuten durende pauze kwam als een emmer koud water na al die opwarmingen en de Kaiser Chiefs zelf werden dus al snel het podium opgeroepen. Alleen al het luidkeelse gekrijs en gegil van de menigte toen de soundchekkers het podium opkwamen, moet aanstekelijk genoeg hebben gewerkt voor de Chiefs om al goed in the mood te komen. Toen het licht uitging en er een grote rode aap het podium opliep, lustig zwaaiend met twee rode, lichtgevende stokken, draaide de fans even door en kon het feestje helemaal beginnen. Met het geweldige “Everything Is Average Nowadays” trokken de Chiefs de zaal volledig mee op gang en het duurde niet snel of zanger Ricky (Wilson) klom tussen het publiek om daar warm onthaald te worden. Hit na hit vuurde ze af, waardoor het publiek niet enkel schor en uitgeleefd naar huis trok, maar ze ook nog eens bewezen dat zij verre van average zijn nowadays.


Netjes switchend tussen grote hit en gewoonweg heerlijke nummers, spaarde de Chiefs de kelen van het publiek en zorgden ze voor climax na climax. Met “Ruby”, opgedragen aan the guys at the top, barstte de zaal los en je zou al haast aan de grond genageld moeten zijn, door de geweldige uitstraling van drummer Nick, om niet mee te springen of gewoon al de lucht in te vliegen in navolging van de aardschokken die de uitzinnige menigte veroorzaakte. Hoewel Ricky was born to be a dancer, zijn zangtalenten zijn onontkenbaar en er zou ook een ware entertainer aan hem verloren gaan. Na een hele hoop uitbundig gespring, veel gezwaai met zijn microfoon en een toertje langs het balkon (klimmend van reling tot reling met de vele grabbelende fans als steun) raakte Ricky weliswaar overduidelijk zwaar moe, maar dat viel enkel af te lezen aan zijn steeds kleiner wordende ogen. Na de vele optredens de laatste maanden, was het niet meer dan normaal dat de volledige Lotto Arena mee hielp met “Na Na Na Na Naa”. De voorspelde “Riot” bleef uit, maar de Chiefs trakteerde de fans wel op een concert op de “Modern Way”. Al véél te snel ronde de groep af met het geweldige “The Angry Mob”, wat natuurlijk enkel onthaald werd door veel geschreeuw van de fans die nog véle meer nodig hadden van dat fantastische materiaal. Na veel ‘ooh my god’s’ van het publiek trokken ze al een geluk toch terug het podium op. Na een poging de fans wijs te maken dat er ook slechte en kalmere nummers waren waaruit ze konden kiezen kwam dan toch het mooie “Love’s not a competition” als bis nummer om duidelijk te maken dat zij aan de winnende hand waren. Met “Ooh my god” braken gewoon volledig alle remmen los en trok men ook de voorprogramma’s het podium weer op. Terwijl Jakobinarina er wat triestig bijstond (duidelijk overdonderd door de menigte die al veel aan stemgeluid en enthousiasme had bijgekregen  sinds hun showtje), was de leadsinger van de Silversun Pickups heftig aan het meebangen met de fans met zijn Belgisch biertje nog stevig in de hand.


Na nog geen anderhalf uur van hemel voor de ware fans, zat het er dan weer op. Hoewel ze nog verwoedde pogingen deden om het terug on stage te lokken, moesten vele het stellen met de papiertjes die op het podium lagen en waar de opruimploeg de die hards goed voor lieten vechten. De Chiefs zelf houden dan wel elke dag ‘less and less’ van ons, van het publiek kan duidelijk niet hetzelfde gezegd worden. Met al die heerlijke songs nog nasuisend in mijn oren (jups weer een stap dichter bij doof zijn) trok ik huiswaarts, al vollen bak dromend van hun volgende show…